maandag 3 oktober 2011

De Yenga-queen of the night

Het is 10u 's avonds en nog betrekkelijk rustig in Walking Street.
Aan het begin van de straat stappen toeristen uit hun frisse bussen. Ze doorkruisen de beruchte avenue terwijl ze links en rechts foto's nemen. Aan het einde van de straat stappen ze opnieuw de bus op.
Ze hebben het hart van de city of sin gezien en hoeven er niets te verteren.

Ook wij stappen door de straat. Mensen verkopen bloemen en kransen. Iemand een kokosnoot? (Zonder de Lollie) Of een maatpak? Not again...
Er is een levend standbeeld en iets verder kan je jezelf laten schetsen voor een paar honderd baht. De Ramblas of Montmartre. Pick & Choose.
Er vormt zich een kleine file aan de Mac Donalds Walking Street. (Overal ter wereld smaken de hamburgers er identiek. Overal ter wereld met een irritant cornichonske.)

Ware het niet voor de tientallen aanbiedingen voor pingpongshows of de bars en clubs langs beide zijden van de straat, men zou in eender welke straat in eender welk land kunnen zijn.

Maar dit is Walking Street.
Een blond meisje met blanke huid danst op een balkon. Russian Girls in de aanbieding.
Ook ladyboys ontbreken niet. Sommige zijn kunstige meesterwerken. Andere zijn duidelijk nog in het transformatieproces. Opzichtige make-up, knokige schouders, diepe stem en soms een klein detailke dat mannen die te diep in het glas gekeken hebben al eens over het hoofd zien.

We komen voorbij een grote loods. Zes bars aan de linkerkant, zes bars aan de rechterkant.
In elke bar een meisje of 10.
De meisjes in de bars aan de ingang proberen de klanten binnen te schreeuwen. Op automatische piloot hangen enkele dames rond de palen. Kijk eens hoe plezant het hier is. Kijk eens hoeveel fun we hebben.

Er zit een klant of drie. (Zou er geen overaanbod zijn in Pattaya?)
We besluiten binnen te gaan. Vijf man met geld in de loods. De tweede bar rechts heeft geluk.

Terwijl Carl geniet van zijn pintje, speel ik een partijtje yenga met twee dames.
Ik heb vanavond een heel vaste hand en -ongelofelijk maar waar- onze toren groeit in die mate dat zelfs de dames in de bars er foto's van nemen met hun gsm.
Mijn gehandicapeerde vinger deert mij niet. Ik ben unstoppable.
Onze toren groeit tot net onder het plafond. Zo hoog dat ik tot op de toog moet kruipen om verder te kunnen spelen. Gelukkig zijn we geen pleuers.

En het beste van al: ik heb hem zelfs niet doen stuiken.

Hoerenchance.






























Geen opmerkingen:

Een reactie posten